030 236 10 81 info@groentrefpunt.nl

Rijpe vruchten zijn te plukken of te rapen. Sommige vruchten leggen na de pluk een andere weg af alvorens zij rijp en eetbaar zijn. Mispels bijvoorbeeld. Mispels zijn harde, pruimachtige vruchten, bruin van kleur. De mispelaar is afkomstig uit Noord-Perzië en de vruchten van deze kleine boom zijn sinds de Romeinen ook in onze streken zeer gewaardeerd. Zij maakten er onder meer cider en wijn van en dat nu bezorgde de boom populariteit in Duitsland. Later dacht men lange tijd dat de boom daar vandaan kwam, vandaar de soortnaam germanica.

Als mispels net geplukt zijn, ergens in oktober, zijn ze hard en wrang en niet geschikt om te eten. Na de pluk worden ze in stro gelegd om af te rijpen en enigszins te rotten. Het is dan afwachten, tot het vruchtvlees overrijp en smeuïg is geworden. Geduld, geduld. ‘Met tijd en stro rijpen de mispels’. Mispels bewaard in stro, bijvoorbeeld in een koele, onverwarmde kas, verdragen goed een lichte vorst. De vruchten moeten vrij liggen, mogen elkaar niet raken. Eet er niet te veel van, want dat leidt tot verstopping van de darmen.

Marmelade, jam, gelei, likeur, op brandewijn of cognac…, dat klinkt lekker om te gaan maken. Of crème brûlée met mispelpuree. U hoeft zich heus niet rot te zoeken naar mispels. In de Wijktuin zijn ze over een paar maanden te verkrijgen.